Dit dubbele woonhuis met tuinhek en schuurtjes was oorspronkelijk één woning, gebouwd in 1843 en rond 1906 gesplitst. Het pand heeft in de loop der tijd verschillende functies gehad, waaronder woning voor de rentmeester van Hof te Dieren, kostschool en klooster.
Monument
Het dwarshuis is uitgevoerd in een sobere, traditionele architectuur en wordt omgeven door een smalle voor-, linker- en rechterzijtuin en een ruime achtertuin, die deels wordt omsloten door een ijzeren sierhek. Het pand is van cultuurhistorisch belang als goed voorbeeld van een voorname dorpswoning uit het midden van de negentiende eeuw, gebouwd in traditionele trant.
Ondanks de eenvoudige opzet onderscheidt het woonhuis zich door de hoge kwaliteit van het ontwerp, de detaillering en het hoogwaardige materiaalgebruik. Het rechthoekige, bakstenen huis telt één bouwlaag en wordt afgedekt door een afgeplat schilddak. Het gebouw heeft een rondom lopend hoofdgestel, bestaande uit een architraaf, een fries en een kroonlijst waarin de goot is opgenomen. Op het platte gedeelte van het dak staan twee lage schoorstenen. Voor de verbouwing van 1906 bevond de deur zich in de middenas.
Interieur
De grotendeels gave interieurs van het pand (vooral van nr. 9) bevatten marmeren schoorsteenmantels en stucplafonds, alle vermoedelijk uit het laatste kwart van de 19de eeuw.
Klik voor een uitgebreide beschrijving op de knop onder de foto rechtsboven.
Ga naar Dieren →
(
Minderhoud, M.M.
© CC BY-SA
)