In 1769 werd het nu vrijwel verdwenen Huis Laag-Soeren gebouwd, ofschoon het pas later deze naam kreeg. Rond het huis werden mooie waterpartijen, vijvers en lanen aangelegd, waardoor het een echt landhuis werd. Het water verkreeg men door het graven van sprengen.
De eigenaar was Carel Otto van Kesteren (1721-1809). Later, in 1849, werd het het huis eigendom van Pieter Nicolaas Jut van Breukelerwaard (1786-1874), de stichter en bouwer van het Kuuroord Bethesda. Behalve dit huis kocht Jut ook nog enige boerderijen en ca. 220 ha grond en bossen.
Jut woonde hier met zijn huishoudster Catharina Ariens, zijn huisknecht en koetsier Gerrit Gerbrands en keukenprinses Bertha Pluim. Vanaf 1866 had hij een gezelschapsdame Johanna Estopey. Johanna komt nog voor in een gedicht van Piet Paaltjes, pseudoniem van Francois Haverschmidt. Deze was gedurende 7 maanden gast op Bethesda.
Huis Laag-Soeren was in die tijd vrij somber ingericht en stond vol met badkuipen en brandkasten.
Na de dood van Jut in 1874 bleef het gebouw in bezit van de Stichting Bethesda. Deze verpachtte het huis als Hotel Laag-Soeren.
Ga naar Laag-Soeren →
(
Onbekend
© Onbekend
)