Vroeger was dit een watermolen. De molen Goedgedacht was de derde door C.O. van Kesteren opgelegde molen. Hij bouwde deze in 1795 op het lagere gedeelte van de Soerense beek.
Hendrik Brouwer van Goedgedacht en G.J. Brouwer van molen Welgedacht werkten omstreeks 1840 als compagnons. Zij maakten goed schrijfpapier en exporteerden veel naar Nederlands Oost-Indië.
In 1849 koopt Jut van Breukelerwaard ook deze molen. Hij bouwt deze in 1897 om tot wasserij. Het waterrad deed in het laatste oorlogsjaar nog dienst voor aandrijving van een dynamo om toch verlichting te hebben.
Na een brand in 1987 wordt het bedrijf herbouwd in de huidige vorm. Na 1990 wordt het pand verhuurd en doet dienst als wasserij, opslagruimte en nu palletfabriek.
De molengoot is verwijderd en de lekkende uitstroombak is door het Waterschap vernieuwd, zodanig dat weer een echte waterval te zien is bij De Waterval. In de achtermuur zijn de steunpunten van de goot nog zichtbaar.
Geschiedenis
Pachters of eigenaren waren achtereenvolgens:
1795: Van Kesteren bouwt de molen. Willem Willemse, getrouwd met Driesje Pannekoek, pacht de molen.
1802: Pachter Hendrik Brouwer.
1817: De molen van Van Kesteren wordt geveild en wordt gekocht door Hendrik Brouwer voor 6.500 gulden. De overeenkomst omvatte een huis, een papiermolen met een hamerbak en een wrijfmolen.
1818: Paul Brouwer koopt de molen.
1849: De molen wordt opgekocht door P.A. Jut van Breukelerwaard, terwijl diverse generaties Brouwer pachter blijven.
1863: K. Sanders is nu de pachter.
1878: Lenderink verbouwt de molen tot wasserij.
1897: Lenderink vraagt opnieuw vergunning aan bij de Gemeente Rheden voor het oprichten van een vernieuwde wasserij. Het betreft een door water aangedreven rad, een tweetal waschtonnen en een mangel; de overige werkzaamheden gebeuren in handarbeid.
1920: De pacht gaat over op zijn schoonzoon A. Riede.
1933: De pacht gaat over op Marinus en Jan Gieteling. De naam wordt nu De Waterval.
1934: Aanvraag voor uitbreiding en plaatsing van een elektromotor van 10 pk, een stoomcilindermangel, een liggende stoomketel, drie wasmachines en twee centrifuges.
WO II: Het waterrad was nog steeds in goede toestand. Toen er in september 1944 geen elektriciteit meer was, werd het waterrad weer in werking gesteld en kon een wasmachine, een centrifuge en de ketelwatervoedingspomp er weer op draaien. Met een dynamo werd ook nog 6 volt gelijkstroom opgewekt voor de verlichting.
1948: Waterrad en watergoot werden weggebroken om plaats te maken voor een nieuwe Cornwall stoomketel met een VO (verwarmd oppervlak) van 40 m2.
I949: M.J. Gieteling en J. Gieteling worden eigenaar van de grond en de gebouwen. Ze kopen het geheel dan van H.H.W. Spiele, die in 1935 het gehele landgoed met zijn boerderijen, de Badinrichting, de wasserijen en graanmolen in een veiling van de curatoren van de Geneeskundig Badinrichting Bethesda voor ca. f169.000 had gekocht.
1965: Het bedrijf wordt voortgezet door de zonen van M.J. Gieteling, te weten Gerrit en Anton.
1985: Anton treed uit en het bedrijf wordt voortgezet door Gerrit Gieteling.
1987: Het oude molengebouw en woning van de Waterval brandt geheel af. Het wordt herbouwd met een moderne hal, kantoor en kantine. De schuur en achterzijde van het gebouw hebben weer de vroegere uitstraling.
1989: Na het overlijden van eigenaar Gerrit Gieteling in 1980 wordt het bedrijf voortgezet door zijn vrouw en beide dochters.
1990: De familie Gieteling stopt met haar werkzaamheden. Het bedrijf wordt daarna eerst verhuurd aan de heer Bageman en daarna vanaf 1993 als wasserij aan de firma Lips de Lelie.
2000: Lips vertrekt en het pand wordt achtereenvolgens aan enkele andersoortige bedrijven verhuurd onder andere Hoogveld en Spencer interieurbouw.
(
Onbekend
© Onbekend
)
(
Onbekend
© Onbekend
)
(
Onbekend
© Onbekend
)
(
Onbekend
© Onbekend
)
(
Onbekend
© Onbekend
)