Rond 1890 vonden de Velpse huisartsen dat er een ziekenhuis moest komen. De artsen Fabius, Pantekoek en Van der Willigen wilden meer doen dan alleen spreekuur houden en patiënten bezoeken. Daarom huurden ze een huis van de heer A. Feith aan het Kerkpad in Velp, lieten het verbouwen en richtten dit in als ziekenhuis. Er was één pleegzuster.
Het verbouwde woonhuis beschikte over twee patiëntenkamers, een zitkamer, een ruimte om te opereren, een badkamer en een keuken. Er was geen bestuursorganisatie.
Van start
Op 25 augustus 1892 stapte de eerste patiënt, de heer Schimmel in zijn ziekenhuisbed. Hij werd verpleegd door mej. A. Vuurens. Na zes weken kreeg zij er een collega bij. De zieken werden verpleegd voor de prijs van 75 cent per dag voor een volwassene en 50 cent voor een kind. In het eerste jaar (1893) werden 39 zieken verpleegd.
Omstandigheden niet ideaal
De omstandigheden in het ziekenhuis waren verre van ideaal. Aanvankelijk moest het water voor het ziekenhuis uit een put gehaald worden. Het zou nog tot 1899 duren voor Velp waterleiding kreeg. Al snel werd het hospitaal te klein. Een tweede bezwaar was dat het rijtuig van de dokter niet door het pad kon. Ernstig zieke patiënten moesten door de koetsier en de directrice naar binnen worden gedragen.
Andere aanpak
Al gauw bleek dat het anders moest. Voor de bestuurlijke aspecten werd in april 1893 in hotel Naeff "De Vereeniging Het Ziekenhuis" (VZH) opgericht. Voorzitter werd dr. G.Fabius, G.Hz, arts, secretaris J.M.J Pantekoek, arts, penningmeester J.J. Werumeus Buning en leden dr. A. van der Willigen sr., arts en W. Honig (architect), allen inwoners van Velp. Omwille van betere medische en andere aspecten werd al gauw besloten een nieuw ziekenhuis te bouwen. Zodoende heeft het ziekenhuis Kerkpad maar kort gefunctioneerd, van 1892 tot 1894. Toen in 1894 het ziekenhuis aan de Tramstraat in gebruik werd genomen, werd Kerkpad 5 weer een woonhuis.
(
Onbekend
© Onbekend
)
(
Onbekend
© Onbekend
)